Weekly News

De inzet van robots binnen de industrie is onvermijdelijk

De inzet van robots binnen de industrie is niet alleen een onvermijdelijke ontwikkeling, maar kan zelfs helpen om nieuwe, hoogkwalitatieve banen te creëren.

‘Robots leveren een constante kwaliteit. En dat is precies wat je als consument verwacht, als je een auto, stoel of fiets koopt.’

Robotisering is een groeiende trend binnen de industrie. De wereldmarkt wordt gekenmerkt door steeds kortere productielijnen en een flexibele werkwijze. “De industrie vraagt dan ook om studenten die goed op zo’n flexibele productiewijze in kunnen spelen”, vertelt Henk Kiela, lector Mechatronica en Robotica aan de Fontys Hogeschool in Eindhoven. Robotisering is daarbij een kernthema. Wij verzorgen in het kader van een leven lang leren daarom niet alleen onderwijs aan reguliere HBO studenten uit het hele land, maar bieden ook cursussen aan mensen die binnen de industrie werkzaam zijn.”


Volgens Martin van der Have, Manager Sales & Marketing bij ABB Benelux, bieden robots op de werkvloer een heleboel voordelen. “Door allerlei saaie, repetitieve taken aan robots over te laten kun je met minder mensen meer kwaliteit leveren. Wat je dus vaak ziet is dat bedrijven uiteindelijk hun omzet zien stijgen, waardoor ze juist meer mensen werk kunnen verschaffen. En daar profiteert ook de omgeving van.”


Robots zijn niet alleen goedkope arbeidskrachten, ze zijn ook zeer efficiënt. Van der Have: “Zij zijn altijd beschikbaar, ook ’s nachts. Een mens kan bovendien niet 25 keer achter elkaar een doos van 25 kilo tillen, dat is voor een robot echter geen enkel probleem. Mensen zijn goed in van alles en nog wat, maar ze zijn onbetrouwbaar. Als ze bijvoorbeeld een lijntje moeten trekken, gaat het drie keer achter elkaar goed, daarna krijgen ze een trilhandje. Terwijl robots een constante kwaliteit leveren. En dat is wat je als consument ook wilt als je een auto, stoel of fiets koopt: constante kwaliteit. Taken die je beter door een robot kunt over laten nemen, zijn ‘dirty, dangerous, dull’. Daar kun je ook ‘difficult’ nog aan toevoegen.”


Dat laatste is volgens Frans Tollenaar, mede-eigenaar van Tollenaar Industries BV, een groep technologie bedrijven, ook gelijk het paradoxale van robots. “Zij kunnen dankzij artificiële intelligentie allerlei voorheen moeilijk geachte problemen, zoals zoek-algoritmes, goed oplossen. Hele eenvoudige taken daarentegen lijken bijzonder lastig. Neem nu zoiets simpels als een tafel afruimen. Tegen een mens kun je zeggen: ‘plaats de borden, messen en bekers in de vaatwasser.’ Maar een robot kan met dergelijke instructies op dit moment nog weinig.” 


Dit geldt ook voor de robots, die momenteel binnen de industrie worden gebruikt. Tollenaar: “Die worden voornamelijk nog ingezet voor grootschalige productie, waarbij het draait om een beperkt aantal, vooraf bekende producten en vaststaande taken. Terwijl de markt vraagt om robots, die zich kunnen aanpassen aan een steeds veranderende werkomgeving en een variatie in producten. Om dat voor elkaar te krijgen moeten robots worden uitgerust met geavanceerde sensoren, zoals 3D-vision camera’s, en zelflerend vermogen. Ze moeten in staat worden gesteld om dezelfde hand-oog coördinatie te ontwikkelen als de mens. Daarmee zullen ze beter kunnen reageren op variatie in product en omgeving.” 


Ook wat betreft vormgeving hebben robots binnen de industrie in de afgelopen jaren een ware metamorfose ondergaan. Van de Have: “Grote robots met een kooi eromheen maken meer en meer plaats voor tweearmige robots met een zacht omhulsel, ingebouwde sensoren en een automatische omschakelingsfunctie naar een lagere snelheid. Dat verhoogt hun veiligheid. Maar de nadruk ligt ook steeds meer op de samenwerking met de mens. Ik noem robots dan ook wel eens ‘een collega met een stekker’.”


Om die interactie tussen mens en robot zo optimaal mogelijk te laten verlopen, werkt Kiele’s vakgroep Mechatronica en Robotica binnen Fontys nauw samen met de onderzoeksgroep Toegepaste Psychologie. “Daarbij richten wij ons bewust op de vraag: hoe kun je die technologie nu het beste aanbieden, om te zorgen dat het niet alleen bruikbaar is, maar ook door mensen op de werkvloer wordt geaccepteerd?”

Delen

Journalist

Erzsó Alföldy

Related articles